Als muren konden praten
Afbeelding © Bert Poortman
Ongeveer even oud zijn we; het Mart van Schijndelhuis en ik. Hij staat al 30 jaar op dezelfde plek in Utrecht, verscholen tussen de huizen en tuinen van het Pieterskerkhof en de Kromme Nieuwegracht. Hij lijkt te weten wie hij is. Daarentegen beweeg ik nu 26 jaar door diezelfde stad, opzoek naar wie ik ben en wie ik wil zijn. Nieuwsgierig naar wat we elkaar als jonge Utrechters te vertellen hebben zocht ik hem op.
Het Van Schijndelhuis staat nonchalant op me te wachten aan het einde van de gang. Hij draagt een lavendelblauw-grijs gestreept pak, een soort pyjama-uitvoering van een boevenkostuum. Bijzondere keuze voor een eerste kennismaking, denk ik terwijl ik naar hem kijk. Vandaag ben ik op visite en ook ik heb me gekleed voor de gelegenheid: van top tot teen in het zwart, zoals altijd. Ik ben netjes opgevoed en ik wil dat de ander zich niet te veel van mij aantrekt. Dat lijkt gelukt naast mijn leeftijdgenoot in pyjama. Ik ben maar een bijfiguur in zijn verhaal. Of heb ik dat mis? Ik kijk mezelf aan in de weerspiegeling van zijn vierkante ogen. In de gang waar ik sta ben ik als een inktvlek in een pastelkleurig tafelkleed. Was ik ook maar in mijn pyjama gekomen, denk ik bij mezelf. Nu hebben we even veel te zeggen. “Hier ben ik”, zeg ik voorzichtig, we kunnen er nu toch niet meer omheen.
“Kom maar!” roept de vriendelijke pyjama-boef. Bang om mezelf te verliezen in de weg naar hem toe blijf ik staan. Zijn pak zingt en het lied van de strepen galmt na in de brede hal zonder plafond. Naast mij klimmen bomen op tegen de muren. Boven me zie ik wit-grijze stapelwolken. Onder mijn voeten vormt zich een zebrapad van groen en grijs. Ik kijk naar links, ik kijk naar rechts, ik kijk nog eens naar links. En ook nog eens naar boven en naar onder. Geen gevaar. Hier ben ik. Ik waag mijn oversteek.
De uitgestoken hand van de boef neem de vorm aan van een deurklink. “Aangenaam kennis te maken”, zegt hij terwijl ik het vastpak en door de opening stap.
Mijn kennismaking met en het Van Schijndelhuis heeft me verwonderd, betoverd en ontroerd. Hij bood mij een gelijkwaardig voetstuk om op te staan. Het huis adviseerde mij: Wees niet bang. Laat jezelf zien. Doe waar je zin in hebt en maak iets moois. Experimenteer. Trek iets leuks aan. Kleur de ruimte. Spring in het diepe. Kijk soms af. En maak verbinding. Ik gun iedereen een ontmoeting met het Van Schijndelhuis.
In 1995 ontving architect en meubelmaker Mart van Schijndel de Rietveldprijs voor zijn zelf ontworpen droomhuis en sinds het begin van dit jaar mag het zich het jongste monument van Utrecht noemen. Alleen op afspraak, elke eerste zondag van de maand, openen zich de deuren naar deze verborgen parel.